Van Landschoot

800 jaar familiegeschiedenis

Claijs Lanschot en de Oudenaardse tak

Deze pagina behandelt Claijs Lanschot, ook te plaatsen als Nicolaas / Nicholas Landschoot, zoon van Pieter. Hij wordt in dit onderzoek gezien als stamvader of sleutelpersoon van de latere Oudenaardse tak. De akte van 23 november 1610 toont hem samen met zijn echtgenote Suzanne vande Walle bij de overdracht van een erfelijke rente. De rente zelf gaat terug op oudere akten van Meulebeke uit 1566 en 1579.

Kern van het dossier

In deze akte dragen Claijs Lanschot fs Pieters en zijn vrouw Suzanne vande Walle een erfelijke rente over aan Jacques Oste fs Stevens. Het gaat om een jaarlijkse rente van 12 pond parisis, met één jaar crois, losbaar tegen penning 16.

Genealogisch is vooral de formulering Claijs Lanschot filius Pieters belangrijk. Ze bevestigt dat Claijs/Nicolaas een zoon was van Pieter. Samen met de vermelding van zijn echtgenote Suzanne vande Walle vormt dit een stevig aanknopingspunt voor de plaatsing van deze persoon als beginfiguur van de Oudenaardse lijn.

Oorspronkelijke tekst

Overdracht van een erfelijke rente

Datum: 23 november 1610 · Erfelijke rente · verband met Meulebeke 1566 en 1579

Compareerende Claijs Lanschot (#59) filius Pieters ende Suzanne vande Walle zijne huijsvrauwe transporteren, cederen ende draghen uppe bij desen an Jacques Oste filius Stevens eene erfvelicke rente van 12 £ parisis tsjaers met 1 jaer crois, losselick den pennijnck 16.

Haerlieden competerende bi transport van Gilles vanden Berghe voor schepenen van Meulbeke ghedaen up den 21ste novembris 1579 al volghende den voorgescreven transport.

Welcke voornoemde rente es ten laste van Jan Vermandele filius Adams ghepasseert voor schepenen van Meulbeke up den 21ste novembris 1566 volghende de briefven van constitutien danof zijnde.

Ende ditte omme bijden voorgescreven Jacques ende zijn actie hebbende de voorgescreven rente te ghebruicken van nu voort als zijn andere eijghen propre goet.

Met conditien dat hi Jacques belooft zijn uuterste debvoir te doen omme alle de andere verschotten croisen desen rente te vervolghen, innen ende ontfanghen verachtert thijdent den transport bij den voorgescreven Berghe an Franciscus huusvrauwe ghedaen ende dit bijden debitent te daghen up quijtschelt ende ghelijck oft hen zelve anghynghe.

Ende zulcx hi Jacques t zelve vercoopen cryghen can zal hem comparant toebehooren ende an hem Jacques goet vinden zal volghende de minute. Factum 23 novembris 1610.

Bron:
Akte van 23 november 1610, overdracht van een erfelijke rente door Claijs Lanschot fs Pieters en Suzanne vande Walle, zijn echtgenote, aan Jacques Oste fs Stevens.
De rente verwijst naar een transport voor de schepenen van Meulebeke op 21 november 1579 door Gilles vanden Berghe, en naar een oorspronkelijke constitutie ten laste van Jan Vermandele fs Adams, verleden voor de schepenen van Meulebeke op 21 november 1566.

Hedendaagse hertaling

Voor de bevoegde schepenen verschenen Claijs Lanschot, zoon van Pieter, en zijn echtgenote Suzanne vande Walle. Zij verklaarden dat zij een erfelijke rente overdroegen, afstonden en cedeerden aan Jacques Oste, zoon van Steven.

Het ging om een jaarlijkse rente van 12 pond parisis, vermeerderd met één jaar crois. De rente was losbaar tegen penning 16. Dat betekent dat de rente kon worden afgekocht door een kapitaal te betalen dat overeenkwam met zestienmaal de jaarlijkse rente.

Claijs en Suzanne bezaten deze rente op grond van een eerder transport door Gilles vanden Berghe, verleden voor de schepenen van Meulebeke op 21 november 1579. Die overdracht verwees op haar beurt naar de oorspronkelijke rentevestiging.

De rente rustte namelijk ten laste van Jan Vermandele, zoon van Adam. De oorspronkelijke constitutie was verleden voor de schepenen van Meulebeke op 21 november 1566, volgens de daarbij horende brieven van constitutie.

Vanaf deze overdracht mocht Jacques Oste de rente gebruiken, innen en behandelen als zijn eigen goed. Hij kreeg dus het recht om de jaarlijkse rente, de achterstallen en de bijkomende rechten op te eisen.

Jacques beloofde daarbij zijn uiterste best te doen om alle achterstallige bedragen, croisen en andere verschotten van deze rente te vervolgen, te innen en te ontvangen. Hij moest daarvoor optreden alsof de zaak hemzelf rechtstreeks aanging, ook tegenover de schuldenaar.

Alles wat Jacques uit deze vervolging, inning of eventuele verkoop zou kunnen verkrijgen, zou hem toebehoren volgens de voorwaarden van de minuut. De akte werd verleden op 23 november 1610.

Genealogisch belang

Voor de familiegeschiedenis is vooral deze formulering belangrijk:

Claijs Lanschot filius Pieters ende Suzanne vande Walle zijne huijsvrauwe

Deze regel bevestigt drie kerngegevens:

  • Claijs Lanschot is een zoon van Pieter.
  • Hij is gehuwd met Suzanne vande Walle.
  • Hij bezit, samen met zijn vrouw, overdraagbare rechten op een erfelijke rente.

In het onderzoek kan deze Claijs Lanschot worden geplaatst als Nicolaas / Nicholas Landschoot, de stamvader of beginfiguur van de latere Oudenaardse tak. De naamvorm Lanschot sluit aan bij de oudere vormen Lantschoot en Landschoot, terwijl de familie in latere generaties in Oudenaarde en omgeving verder zichtbaar wordt.

De rente en de band met Meulebeke

De rente die in 1610 wordt overgedragen, heeft een oudere geschiedenis. Zij werd oorspronkelijk gevestigd op 21 november 1566, ten laste van Jan Vermandele fs Adams, voor de schepenen van Meulebeke.

Op 21 november 1579 kwam de rente via een transport door Gilles vanden Berghe in handen van Claijs Lanschot en Suzanne vande Walle, of althans in hun rechtssfeer. In 1610 dragen zij deze rente vervolgens over aan Jacques Oste.

Dit is belangrijk omdat de oudere familiebeweging vanuit Tielt naar Meulebeke hier opnieuw zichtbaar blijft. De Oudenaardse tak ontstaat dus niet los van de oudere Tielt-Meulebeekse context, maar groeit eruit verder.

Begrippen in de akte

TermBetekenisIn deze akte
Transporteren, cederen en overdragen Formule voor het overdragen van rechten of goederen aan een andere persoon. Claijs en Suzanne dragen hun recht op de rente over aan Jacques Oste.
Erfelijke rente Jaarlijkse rente die blijvend op een persoon of goed rust en kan worden overgedragen. Een rente van 12 pond parisis per jaar.
Crois Aangroei, achterstal of bijkomende opbrengst op een rente. De rente wordt overgedragen met één jaar crois en met opdracht om achterstallen te innen.
Losbaar penning 16 Afkoopbaar tegen zestienmaal de jaarlijkse rente. De rente van 12 pond parisis kon worden gelost tegen penning 16.
Constitutie Oorspronkelijke vestiging of instelling van een rente. De rente werd oorspronkelijk gevestigd in Meulebeke op 21 november 1566.
Debiteur Schuldenaar of rente-plichtige. Jan Vermandele fs Adams was de persoon ten laste van wie de rente liep.

Voorlopige plaatsing binnen de tak

21 november 1566

Voor de schepenen van Meulebeke wordt een erfelijke rente gevestigd ten laste van Jan Vermandele fs Adams.

21 november 1579

Gilles vanden Berghe draagt de rente over. Deze overdracht vormt de juridische basis waarop Claijs Lanschot en Suzanne vande Walle later hun recht laten steunen.

23 november 1610

Claijs Lanschot fs Pieters en Suzanne vande Walle dragen de rente over aan Jacques Oste fs Stevens.

Na 1610

Claijs/Nicolaas Lanschot wordt in het onderzoek geplaatst als stamvader of sleutelpersoon van de verdere Oudenaardse Lantschoot/Landschoot-tak.

Onderzoeksnota

De akte bewijst niet op zichzelf alle latere Oudenaardse afstammingen, maar zij levert wel een zeer belangrijk vertrekpunt. Ze noemt Claijs Lanschot met patroniem en echtgenote, en ze verbindt hem met oudere Meulebeekse rentetransacties.

Daardoor vormt deze akte een brug tussen de oudere Tielt-Meulebeekse naamdragers en de latere Oudenaardse tak. Verdere koppeling met doop-, trouw-, poorter- en schepenakten van Oudenaarde kan deze lijn nog sterker bevestigen.